Tekst: 

 

Het is dat voorzitter André Drost van de Vereniging Zaansche Molen zelf geen wieken heeft, anders zou hij vrolijk meedraaien met de tien molens op de Zaanse Schans. Dolgelukkig is hij met het groene licht voor een oude wens van de vereniging: een museum tussen de windmolens op de toeristische trekpleister. Donderdag tekent Drost namens de vereniging een overeenkomst met de gemeente Zaanstad waarin beide partijen afspreken verder te werken aan de komst van de Wereld van Windmolens, zoals het museum is gedoopt. Als alles volgens plan verloopt, moet het museum er in 2019 staan.

 

Eind op weg
Zaanstad doet een flinke duit in het zakje met een kwart miljoen euro. De vereniging mag bovendien de opbrengst hebben van de verkoop van het huidige onderkomen aan de Museumlaan. Als dat inderdaad het gehoopte miljoen opbrengt, is de vereniging een flink eind op weg naar de 3,3 miljoen euro die men nodig denkt te hebben. Het resterende bedrag zal de komende tijd worden ingezameld, vertelt Drost vol vertrouwen. “De bijdrage van de gemeente zal ons helpen om dat bij elkaar te krijgen. Als we aankloppen bij bedrijven om steun, is de eerste vraag of de gemeente meedoet. Als dat het geval is, doen zij ook graag mee. Die overheidsbijdrage werkt echt als een hefboom.” Het nemen van die belangrijke financiële hobbel is niet zonder slag of stoot gegaan. De eerste plannen lagen vijf jaar geleden al op tafel, en kregen, zoals dat gaat, gezelschap van een dikke stapel noodzakelijke notities en onderzoeksrapporten. Maar de Zaansche Molen bestaat al sinds 1925 en oefende geduld, in het besef dat bestuurlijke en ambtelijke molens zich weinig aantrekken van de wind. Niettemin is de komst van het museum voor de vereniging van vitaal belang. Het huidige museum trekt in goede jaren 10.000 bezoekers, en de entree die zij betalen wordt gebruikt voor het onderhoud van de molens die de vereniging in eigendom heeft. Op de Zaanse Schans verwacht Drost zeker 50.000 bezoekers per jaar te ontvangen.

 

Solide inkomstenbron

Dat betekent een solide inkomstenbron voor de financiering van een dure liefhebberij. Het onderhoud van de historische molens is een permanent proces. De afgelopen tien jaar stak de vereniging ongeveer vijf miljoen euro in dat doel. Minstens zo belangrijk, benadrukt Drost, zijn de 200 vrijwilligers die op allerlei manieren helpen de molens draaiend te houden.

Voor de Zaanse Schans past de komst van het museum in de wens om de bezoekers wat beter te kunnen spreiden over het terrein. Het molenpark trekt nu twee miljoen bezoekers per jaar en dat worden er naar verwachting drie miljoen in 2025. Het molenmuseum moet grote groepen onderdak kunnen bieden. En een beleving, zegt Drost lachend. “Ons oude museum wordt tegenwoordig als wat stoffig ervaren. In het nieuwe museum draait alles om de experience, zoals dat wordt genoemd.”